Opinie in de Volkskrant 24 oktober 2009

Van naÔeve marktwerking naar zinnige competitie

Hoe Nederland miljarden kan besparen in de zorg, onderwijs en wonen

Dankzij de uit de hand gelopen marktwerking in de financiŽle sector heeft de Nederlandse staat in korte tijd miljarden verloren. Deze moeten het komende decennium weer worden terugverdiend. Hopelijk een beetje door de banken zelf. Maar toch vooral door ons allen via belastingen en premies. Maar ook de zorg, het onderwijs en de volkshuisvesting zullen zuiniger, efficiŽnter en effectiever moeten worden. Dit lukt alleen als we afscheid durven nemen van de naÔeve wijze waarop in het verleden marktwerking is losgelaten op deze sectoren. Vooral de aanleg van forse financiŽle reserves bij de betrokken instellingen kost handen vol geld.
De typisch Nederlandse variant van marktwerking in de publieke sector kon plaatsvinden, omdat veel scholen, corporaties en zorginstellingen ooit door private partijen zijn opgericht. De door kerken, vakbonden of verlichte burgers opgerichte scholen, zorginstellingen of corporaties waren private organisaties die opereerde binnen strakke publieke kaders . In de hoogtijdagen van de marktwerking is dat vergeten. Minder aanbodsturing, meer keuzemogelijkheid voor burgers, aanbesteding en toelaten commerciŽle partijen zijn te ideologisch en naÔef doorgevoerd. De crisis biedt genoeg aanleiding om dit kritisch tegen het licht te houden. Zonder de voordelen van meer concurrentie en meer keuzevrijheid te verliezen. Dat kan: door niet langer de metafoor van de perfecte markt te hanteren, maar die van een sport competitie. Economen kijken te weinig naar voetbal of honkbal.

Honkbal in Amerika is een van de meest competitieve en commerciŽle sportcompetities ter wereld. Met strake regulering zorgen ze ervoor dat sportieve prestaties bepalen of je wint of verlies Keiharde regels over maximering van salarissen van staf en spelers. Een herverdeling van winst over de branche, gezamenlijke verkoop van mediarechten, een maximering van bankzitters en een nationale planning van stadions. In een andere branche zouden dit rondweg communistische maatregelen heten, hier beschermen ze het belangrijkste product: een mooie, spannende en eerlijke competitie. Het is de naÔviteit van Nederland (en Europa) dat we voor dit soort regulerende aanpakken in de publieke sector als de zorg, onderwijs en het wonen te weinig oog hebben. De nationale competitie die wij willen is erop gericht dat de zorg beter, het onderwijs moderner, de professional centraler, de keuzen scherper worden. En de kosten lager.

De grootste winst is te halen in een ander systeem van reservevorming. Scholen, zorginstellingen en corporaties potten veel geld op. De scholen hebben gezamenlijk een eigen vermogen van bijna 10 miljard euro en ze hebben bijna 5 milard euro op de bank staan. In de zorg dreigen we hetzelfde te gaan doen. De Nederlandse Bank doet net alsof de gezondheidszorg een echte markt is en eist van zorgverzekeraars marktconforme financiŽle reserves . Om die extra reserves op te bouwen moeten burgers meer premie gaan betalen, ca. 100,- euro per gezin per jaar extra.
Ook ziekenhuisdirecteuren willen meer reserves op gaan bouwen. Zo kunnen ze makkelijker geld lenen bij de bank. Ook dat leidt tot hogere zorgpremies En dat alles terwijl we weten dat een vrije zorgmarkt theorie is en niet publieke praktijk. Want als een zorgverzekeraar of groot ziekenhuis failliet gaat moet de overheid toch bijspringen. Dat hebben we gezien bij het IJsselmeerziekenhuis en Mea Vitea. De Nederlandse belasting- en premiebetaler is kostbare miljarden verder, eer de zorgverzekeraars en ziekenhuizen genoeg reserves hebben opgebouwd om zich op de zogenaamde vrije markt staande te houden. En het is zeer de vraag of de (theoretisch) voorspelde efficiency winst via de marktwerking dit ooit nog gaat compenseren.
Dit kan veel efficiŽnter. De woningcorporaties laten zien hoe dit moet. Ze staan onderling voor elkaars leningen borg. En de overheid garandeert dit. Dit geeft banken zoveel vertrouwen dat de gezamenlijke corporaties per jaar zo'n 400 miljoen euro minder aan rentelasten betalen. Geld dat ze in het wonen kunnen stoppen. Deze profijtelijke vorm van onderlinge solidariteit met de overheid als achtervang moeten we ook invoeren in de zorg en het onderwijs.

Er is nog een groot probleem met het systeem van opbouwen van grote reserves door scholen, zorginstellingen of woningcorporaties. De reserves zijn scheef verdeeld. Voor een - klein - deel is het hebben van reserves een teken van gezond beleid en goed management. Maar voor een - groter - deel kan het worden verklaard door luiheid of gebrek aan maatschappelijke problemen. Scholen, ziekenhuizen en corporaties die actief zijn in gebieden met minder zware maatschappelijke problemen hebben vaak grotere reserves dan noodzakelijk. Daar moet verandering in komen Organisaties met reserves moeten daar een deel van mogen houden en herinvesteren. De rest moeten ze net als bij het honkbal in de VS herverdelen. Niet via een herverdeel operatie vanuit Haagsche bureaucratie. Een betere maatregel zou zijn om, net als in het honkbal in de VS, de reserves per instelling te maximeren Door onderlinge borgstelling kunnen die reserves veel lager zijn dan op de markt gebruikelijk is. Het geld wat over blijft storten ze in een waarborgfonds per sector. Naast borging van leningen, de klassiek taak van dergelijke fondsen, financiert het fonds risicovolle projecten met groot maatschappelijk belang tegen zeer zachte voorwaarden. Hiermee hebben we bereikt wat we wilden: minder publiek geld in reserves van scholen, corporaties en ziekenhuizen stoppen en tegelijk bevorderen van competitie op het werkelijke issue: oplossen van maatschappelijke problemen.

Staf Depla
Steven de Waal

De eerdere artikelen in de reeks waren:
1. de menselijke maat in de publieke sector (Volkskrant september 2008)

2.integriteit in de publieke sector (Trouw maart 2009)

3.De PvdA moet antwoord geven over breed politiek programma voor publieke sector. (Volkskrant, 4 juli 2009)

Vorige pagina