19 juni 2009

Scheefwonen is geen probleem, te weinig betaalbare woningen wel

De woningmarkt is verziekt in ons land. In grote delen van ons land moet je jarenlang wachten op een betaalbare huurwoning. Alleen als je als woningzoekende meer dan twee keer modaal verdient kan je in deze delen van ons land een koophuis bemachtigen. Daarom moeten we meer betaalbare huur en koopwoningen bouwen, aldus PvdA-Tweede Kamer lid Staf Depla. Bij beleidsmakers bestaat hier ten onterecht veel weerstand tegen. Er zouden al teveel betaalbare huurwoningen zijn.

In Utrecht zou meer dan de helft van de sociale huurwoningen bewoond worden door mensen die daar eigenlijk te rijk voor zijn. Dit heet scheefwonen. Het gevolg is dat mensen met de laagste inkomens geen betaalbare woning kunnen vinden. Om dit probleem op te lossen pleiten marktadepten ervoor om de huurmarkt te liberaliseren en/of het scheefwonen aan te pakken. Deze voorstellen helpen de huurders en woningzoekende met de smalle beurs van de regen in de drup.

De zogenaamde scheefwoners, de mensen met een midden of hoger inkomen die in een van de 2.5 miljoen sociale huurwoning wonen moeten hun huis uit. Zij moeten verhuizen of meer gaan betalen. Dit is een slecht plan. De goedkoopste sociale huurwoningen staan geconcentreerd in bepaalde delen van de stad. Ik ben juist blij dat er ook bewoners met een midden of hoger inkomen in die wijken zoals Amsterdam-West, Kanaleneiland of de Hatert in Nijmegen wonen. Om dat te bereiken worden 100-en miljoenen euro's gestoken om huis af te breken en duurdere woningen terug te bouwen. Scheefwonen is een stuk goedkoper dan deze grootscheepse sloop-nieuwbouwoperaties. De mensen die economisch succesvol zijn, moet je aan de buurt proberen te binden ipv ze weg te jagen. Bv door ze hun huurhuis te koop aan te bieden. Of in de eigen buurt koopwoningen te bouwen.

Bovendien is het inkomen van de meeste scheefwoners te laag om op de vrije markt een huur of koopwoning te bemachtigen. Je woont volgens beleidsmakers en een aantal corporatiedirecteuren scheef als je in een huurwoning van een woningcorporatie woont en zoveel verdient dat je geen recht hebt op huurtoeslag. Dat klinkt redelijk. Maar je krijgt geen huurtoeslag meer als je meer dan 1200 tot 1400 per maand netto verdient. Een beginnend politieagent verdient 1500 euro netto per maand. Hij krijgt geen huurtoeslag. Deze agent zou volgens de voorstanders van het aanpakken van scheefwonen dan niet meer in een corporatiewoning mogen wonen. De vrije huurmarkt is dan het alternatief. De huren van de vrije markt beginnen bij 620 euro per maand. Deze beginnende politieman moet dan meer dan 40% van zijn inkomen aan kale huur betalen. Dat is veel te veel. Je krijgt niet voor niets geen hypotheek als de hypotheeklasten meer dan 25% van je inkomen bedraagt. Het is dan ook goed dat de gemeente Utrecht de inkomensgrens verhoogt. Mensen die 33.000 euro verdienen, 69% van de huishoudens in Utrecht, kunnen niet op de vrije markt een betaalbare huur of koopwoning vinden. Woningcorporaties zijn er dus ook voor hen. Het heeft geen pas hen weg te zetten als scheefwoners en profiteurs.

Natuurlijk zijn er ook mensen met echt hoge inkomens die in een sociale huurwoning wonen. Die groep is echter erg klein. Bovendien krimpt die groep. In 2002 verdiende 3% van de huurders van goedkope huurwoningen (huur beneden de 350 euro) meer dan anderhalf keer modaal. In 2006 was dat gezakt naar 2.1%. En natuurlijk is het ongewenst dat in het centrum van Amsterdam, waar het percentage scheefwoners veel hoger is, deze woningen gebruikt worden als tweede woning of voor illegale onderverhuur. En er zijn genoeg voorbeelden van succesvolle aanpak van deze praktijken. Maar dan moeten corporaties en gemeenten dit ook echt serieus ter hand nemen. En zorgen dat de woonruimteverdeling in de regio Amsterdam zo wordt aangepast dat het aantrekkelijk wordt om kleine stapjes in de wooncarriere te zetten ipv jaren te wachten op die droomwoning.

Aanpakken van scheefwonen klinkt mooi maar helpt woningzoekende met de smalle beurs niet. En het brengt huurders van de regen in de drup als het aanpakken van scheefwonen samengaat met liberaliseren van de huren zoals CPB, maar ook politieke partijen als VVD en D66 propageren. Het CPB heeft uitgerekend dat de huren dan stijgen van gemiddeld 350 naar 700 euro per maand. Een forse lastenverzwaring van zo'n 8 tot 14 miljard, die ook al compenseer je de huurtoeslagontvangers, vooral terecht komt bij de lagere middeninkomens. Het huurbeleid van dit kabinet is dan ook een stuk beter dan liberaliseren in een overspannen markt. Natuurlijk kan het huurbeleid wel beter. Niet door de huren te liberaliseren, maar door een eerlijkere inkomensondersteuning voor het huren en kopen en door corporaties de ruimte te geven de huren te differentiŽren onder de voorwaarde dat elk jaar de huren van de corporatie als geheel, zeker nu de inkomens onder druk komen te staan door de crisis, met niet meer dan inflatie stijgt.

Mensen met de laagste inkomens zijn aangewezen op goedkoopste huurwoningen (minder dan 350 euro per maand). Maar er worden bijna geen nieuwe sociale huurwoningen meer gebouwd met echt lage huren. Dat zie je ook in de Utrechtse nieuwbouwwijk Leidsche Rijn. De meeste nieuwe gebouwde sociale huurwoningen kosten hier zo'n 500 euro per maand. Huurders met de laagste inkomens kunnen wel huurtoeslag krijgen tot een huur van 530 euro. Maar de eigen bijdrage stijgt. In de werkelijkheid blijven deze woningen voor hen onbetaalbaar. Het resultaat is duidelijk. Maar 35% van de nieuwe huurders van een sociale huurwoning in Leidsche Rijn behoort tot de lage inkomens die recht hebben op huurtoeslag. Voor de laagste inkomens moeten ook in nieuwbouwwijken woningen met lage woonlasten gebouwd worden. Lage woonlasten omdat het om de optelsom van huren en energielasten gaat. En in de buurten met veel goedkope huurwoningen moeten mensen die wat meer te besteden hebben behouden blijven door ze hun huurhuis te koop aan te bieden. Of in de eigen buurt koopwoningen te bouwen. Op die manier komen er meer betaalbare huurwoningen beschikbaar voor de mensen met de lagere inkomens. En voor de middeninkomens en starters op de woningmarkt moeten in deze buurten meer betaalbare koopwoningen gebouwd worden. Dan moet er wel echt iets veranderen in de bouw. Want voor starters zijn koopwoningen zo goed als onbetaalbaar geworden. Het echte probleem op de woningmarkt is niet het scheefwonen maar het feit dat de bouwwereld zo weinig innovatief is dat ze er niet in slaagt om betaalbare huizen te bouwen.

Staf Depla
Lid Tweede Kamer PvdA

Vorige pagina